Van Lomé naar Addis Ababa – Vliegtuig

Gepubliceerd door Marco Singelenberg op

Dinsdag 22 juli. Ethiopië.

Van Lomé naar Addis Ababa - Vliegtuig

Vliegen met een fiets is altijd een belevenis op zich.
Het loopt in ieder geval nooit zoals ik vooraf had verwacht. En zelden zoals ik vooraf had gehoopt. Iedere luchtvaartmaatschappij heeft ergens in een verdomhoekje van haar website wel wat eigenaardige voorwaarden vermeld voor het vervoeren van een fiets, maar nooit lijkt iemand die regels in de praktijk ook echt te kennen. 

Vandaag was daar geen uitzondering op. 

Vliegtuigklaar

Ik had ervoor gezorgd dat ik veel te vroeg op het vliegveld was. Met een fiets is dat altijd een goed idee. 
De vliegveldmedewerkers dachten aanvankelijk dat ik ze in het ootje nam toen ik ze vertelde dat ook die fiets mee het vliegtuig in moest. Zodra ze doorhadden dat het me menens was lachten ze me eerst heel hard uit, om vervolgens met z’n achten te gaan staan kijken hoe ik de boel vliegtuigklaar aan het maken was. 

Pas toen ik daarmee klaar was, en ik mijn fiets keurig volgens hun eigen voorwaarden bij de incheckbalie wilde gaan afleveren, hielden ze me tegen om me te vertellen dat dat zo natuurlijk niet kon. 
‘Welles’, bracht ik daartegenin. 
‘Nietes’, was hun reactie. 
‘Welles’, zei ik nog een keer, maar nu iets harder. 

Ik was namelijk nogal zeker van mijn zaak, want een paar dagen geleden had ik nog gebeld naar Ethiopian Airlines. Omdat ik bang was dat er in het Frans wat belangrijke informatie langs me heen zou gaan, had ik voor de zekerheid zelfs gevraagd naar iemand die Engels spreekt.

De vriendelijke man aan de andere kant van de lijn verzekerde me dat er geen enkel probleem was. Ik moest alleen de lucht uit de banden laten lopen.  
Ook raadde hij me aan de fiets in een doos te stoppen. Omdat ik natuurlijk geen doos heb en ook geen idee waar ik midden in Afrika zo’n doos vandaan zou kunnen halen, vroeg ik hem nog of dat verplicht is, zo’n doos. ‘Nee hoor, zeker niet verplicht,’ stelde hij me gerust, ‘het is alleen voor je eigen bestwil. Zodat je fiets geen schade oploopt.’ 

‘Die mag zo niet mee’

Dat verhaal vertelde ik aan mijn vliegveldvrienden.
‘Nou, dan lopen we toch even naar hem toe?’ zeiden ze, en ze namen me mee naar een kantoortje, ergens in de diepste krochten van het vliegveld. 
De man die ik aan de telefoon had gehad zat daar tot mijn grote verbazing inderdaad achter een bureau. Hij kon zich ons gesprek nog goed herinneren. Ik begroette hem en ik omschreef de impasse waarin we waren beland.  

‘Nee. Die mag zo niet mee’, zei hij geïrriteerd. ‘Die moet eerst helemaal uit elkaar gehaald worden. Wielen eraf en dan alles in karton en plastic verpakken.’  

Ik herinnerde hem eraan dat hij me een paar dagen geleden toch echt had gezegd dat ik alleen mijn banden leeg moest laten lopen. Maar zijn geheugen bleek selectief.
‘Je moet wel luisteren als er iets tegen je gezegd wordt!’ was zijn reactie. En daarnaast begon hij zelfs met hele nieuwe voorwaarden te strooien: ‘Je mag trouwens maar twee stuks bagage bij je hebben. Inclusief je fiets.’ 

Ik boos. Hij boos. En na wat nare woorden en wat stampij over en weer, werd ik dringend en niet zo heel vriendelijk verzocht het kantoor weer te verlaten. 

Rukken en sjorren

Wel werd het grondpersoneel gesommeerd me te helpen met mijn fiets. 
Dat liet het grondpersoneel zich geen twee keer zeggen.
Zeker vijftien mannen begonnen heen en weer te rennen en aan mijn fiets te rukken en te sjorren alsof hun leven ervan afhing. Ik durfde bijna niet te kijken, omdat de vraag niet was of ze iets stuk zouden maken, maar meer wat allemaal. Ze sloopten mijn fiets uit elkaar, wikkelden het geheel in plastic en karton en tussen neus en lippen door hebben ze van mijn vijf fietstassen nog even één stuk bagage gemaakt. 

Vervolgens wilde iedereen die ook maar in de buurt van mij of mijn fiets was geweest natuurlijk een financiële vergoeding hebben voor de al dan niet verleende diensten. Zelfs het baliepersoneel wilde geld zien omdat het mijn bagage had ingecheckt.  

Na hier en daar wat te hebben betaald aan degenen die het in mijn ogen verdienden en de rest te hebben uitgelegd dat ik niet extra ga betalen voor iets wat gewoon hun werk is, kon ik eindelijk door de douane. 
Daar begon nog één mannetje te zemelen over dat ik aan had moeten geven hoeveel geld ik bij me had, maar de blik die ik hem toewierp zal zo vernietigend zijn geweest, dat hij spontaan zijn mond hield en me gewoon door liet lopen. 

Orale seks

Ondanks alles, of misschien wel dankzij alles, zat ik mooi op tijd in het vliegtuig. De vlucht zelf verliep voorspoedig. Om een uurtje of tien in de avond landden we op het vliegveld van Addis Ababa en nadat ik twintig minuten lang aan een balie heb staan jammeren en zeuren, kreeg ik uiteindelijk ook zonder retourticket een visum in mijn paspoort geplakt, en mocht ik Ethiopië daadwerkelijk in. 

De schade aan mijn fiets leek, op een licht tegen mijn spatbord aanlopend wiel na, wonder boven wonder mee te vallen en nadat ik hem weer in elkaar had gezet, kon ik zonder noemenswaardige problemen het vliegveld af en Addis Ababa in rijden. 
Van de eerste twee mensen die ik op straat tegenkwam kreeg ik nog wel heel vriendelijk orale seks aangeboden, maar daar was ik nu toch echt wat te moe voor. Het was inmiddels bijna middernacht en na 2 kilometer ben ik daarom maar snel met fiets en al het eerste hotel dat ik tegenkwam binnengereden. 

Volgende: Addis Ababa – MH17
Vorige: De basis van een fietsreis – Toiletgang
Of begin hier gewoon bij het begin van mijn boek ‘Figurant in de Hoofdrol’

Categorieën: 16 Oost-Afrika

0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.