Lomé – Gestrand

Gepubliceerd door Marco Singelenberg op

Zaterdag 19 juli. Togo.

Lomé - Gestrand

Net iets meer dan 20.000 kilometer heb ik gefietst.
En nu zit ik vast.
Ik moet Nigeria door en dat gaat niet gebeuren.  

Visumeisen

Ik heb in Benin nog een poging gewaagd bij de ambassade in Cotonou, maar de lijst met eisen die Nigeria stelt aan het binnendringen van dat land is te groot en te onmogelijk. Voor mij. 
Ik moet een uitnodiging hebben van iemand in Nigeria. Ik moet het visum aanvragen in Nederland, omdat zo’n sticker alleen bij inwoners van het land waar de ambassade ligt in het paspoort wordt geplakt. Ik moet een vliegticket kopen waaruit blijkt dat ik Nigeria ook weer zal verlaten. En dat is dan nog maar het begin van de lange lijst vreemde, onmogelijke en minder onmogelijke voorwaarden die door de Nigeriaanse autoriteiten worden gesteld.  

Met heel veel geduld en wat meer doorzettingsvermogen zou ik het visum misschien wel hebben kunnen krijgen. 
Ik heb er nog even over nagedacht om het ook in Togo nog een keer te proberen, om daar nog een laatste keer alles op alles te zetten voor dat visum. Ik heb namelijk gehoord dat het mogelijk is een bewijs van ingezetenschap te krijgen als je hier een week of zes verblijft.  

Geen acht weken wachten

Maar dat idee heb ik laten varen. 
Daar heb ik geen geduld voor. 
Voor ik uitgevonden heb hoe dat werkt ben ik weer een week verder en bovendien wil ik hier niet nog zes, zeven of tien weken rondhangen. En daarbij komt dat, als ik dat bewijs van ingezetenschap al weet te bemachtigen, het daarna nog helemaal niet zeker is dat ik dat visum ook krijg. Er zijn altijd nog al die andere voorwaarden waar ik aan moet voldoen en dan is er ook nog de pet van de ambassadeur, waarvan je nooit kunt voorspellen hoe die staat.  

Nee, voor heel veel dingen heb ik heel veel geduld, maar wachten op iets waarvan ik niet zeker weet of ik het ga krijgen, op een plek waar ik eigenlijk niet wil zijn, is niet een van mijn kwaliteiten. Daar word ik ongelukkig van. 

Geld en gevaar

Als ik het toch zou proberen, zou dat me overigens niet alleen veel tijd gaan kosten, en zouden het niet alleen onzekere en ellendige weken voor me worden, het zouden ook hele dure weken worden. Want als iets veel tijd kost, dan betekent dat op reis bijna automatisch ook dat het veel geld gaat kosten. 
Acht weken wachten betekent ook acht weken onderdak en acht weken eten en drinken. Nu heb ik er nog wel behoorlijk wat van, van dat geld, maar zoveel dat ik het me kan veroorloven twee maanden niets te gaan zitten doen in een te drukke Afrikaanse stad heb ik nou ook weer niet.  

Er zijn trouwens nog wel meer redenen om Nigeria verder te laten voor wat het is. Een van die redenen, een niet onbelangrijke, is de veiligheid.  

In Nigeria zou ik door gebieden moeten rijden die levensgevaarlijk zijn, zeker op dit moment en zeker voor toeristen. Boko Haram is namelijk behoorlijk aan het huishouden in dat land. Die gevaarlijke gekken moorden hele dorpen uit en nog maar kortgeleden hebben ze honderden meisjes van hun school ontvoerd, omdat ze vinden dat school niet voor meisjes is bedoeld. 
De bevolking is daardoor niet alleen onrustig en bang aan het worden, maar ook vijandig. De mensen ruiken bloed, willen bloed en zoeken zondebokken.  

Ik zou dan ook niet de eerste toerist zijn die er een aframmeling krijgt, of die wordt ontvoerd of onthoofd. En een fiets is nou niet bepaald het meest onkwetsbare vervoermiddel dat er bestaat, als je wordt achtervolgd door een razende lynchmob. 

Nog meer redenen

Daar komt nog bij dat áls ik dat visum al krijg en áls ik Nigeria al ongeschonden door kom, er daarna hoe dan ook nog een paar landen op mijn pad zullen komen waarvoor min of meer hetzelfde scenario zal gelden. 

Kameroen, Gabon, Equatoriaal-Guinea, de Democratische Republiek Congo, Tsjaad, de Centraal Afrikaanse Republiek, Zuid-Soedan, Angola, allemaal omringende landen en allemaal landen waar je niet zonder slag of stoot binnenkomt. Allemaal landen die of buitengewoon moeilijk doen over een visum of buitengewoon gevaarlijk zijn. Of allebei. En welke kant ik van hieruit ook op zou gaan, de kans dat ik ergens een keer vast kom te zitten is groot. Heel groot. 

De laatste afweging die me heeft doen besluiten niet koste wat het kost te proberen zo ver mogelijk via de westkust Afrika binnen te dringen, voor zover de vorige redenen me nog niet voldoende hebben overtuigd, is dat het regenseizoen op het punt van uitbreken staat. En in dit deel van Afrika is een regenseizoen geen kattenpis. Een tocht door bijvoorbeeld Kameroen, dat bekend staat om zijn slechte wegen, zou alles er niet makkelijker en zeker ook niet leuker op maken. 

Niet Nigeria, maar Ethiopië

Ongeduld. Onzekerheid. Hondenweer. Geld. Gevaar. Gedoe. Redenen genoeg dus. Redenen genoeg om bij de pakken neer te gaan zitten. Om eieren voor mijn geld te kiezen.  

Om verder te kunnen zit er dus nog maar één ding op. Ik moet vliegen.  

De voornaamste reden dat ik helemaal naar Togo ben gefietst, is dan ook allang niet meer om tegen beter weten in een visum voor Nigeria proberen te regelen, maar omdat er vanuit Lomé directe vluchten naar Addis Ababa in Ethiopië vertrekken.  

En waarom juist Addis Ababa? Nou, als ik naar Addis vlieg, dan smokkel ik niet. Niet als het gaat om de afstand die ik af moet leggen in ieder geval. Addis Ababa ligt namelijk drie breedtegraden noordelijker dan Lomé en je zou dus kunnen zeggen dat ik mezelf voor straf drie breedtegraden terugzet als ik in een vliegtuig naar Ethiopië stap. 

Dat is dus ook wat ik ga doen. 
Mezelf voor straf drie breedtegraden terugzetten naar het noorden. 

Vanmiddag ga ik een ticket naar Ethiopië boeken. 

Volgende: De basis van een fietsreis – Overleven
Vorige: Van Aného naar Lomé – Weggegoocheld
Of begin hier gewoon bij het begin van mijn boek ‘Figurant in de Hoofdrol’

Categorieën: 14 West-Afrika

0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.