De voorbereiding van een fietsreis – Het regelen

Gepubliceerd door Marco Singelenberg op

Fase 3 – In actie komen

In actie komen - duct tape

Ooit breekt helaas ook een keer de derde fase van de voorbereiding aan: in actie komen.

Met alleen een strak plan en genoeg centjes op de bank kom je nog altijd nergens. Ergens komt altijd een keer het moment dat het dagdromen voorbij is en al die fantasieën in werkelijkheden moeten worden omgezet.

Het vertrek komt steeds dichterbij en hoewel ik dat moment altijd zo lang mogelijk probeer uit te stellen, komt er onverbiddelijk een punt waarop ik niet langer bij de pakken neer kan blijven zitten en ik moet stoppen met hopen dat alles zich vanzelf wel een keer zal regelen.
Er komt een moment dat ik daadwerkelijk in actie moet komen.

Trainen

Even om misverstanden te voorkomen, met in actie komen bedoel ik niet trainen.

Over het algemeen bestaat de indruk dat je voor zo’n lange fietsreis flink moet trainen. Dat je kilometers moet maken omdat je conditie, zeker als je van plan bent dagelijks op de pedalen te gaan staan, op de dag van vertrek al tiptop in orde moet zijn. Dat je voor je daadwerkelijk begint al benen als staalkabels moet hebben, en een longinhoud waar je u tegen zegt.

Onzin.
Ik begin er in ieder geval niet aan. Aan trainen.
Ik moet er niet aan denken om mijn zuurverdiende vrije weekenden te verkwanselen met het kans- en doelloos rondjes rijden door steden, bossen en heidevelden, die ik al honderd keer eerder heb gezien. Dan kan ik mijn tijd wel beter besteden.

In de laatste drie jaar heb ik niet tot nauwelijks op een fiets gezeten en daar ga ik tot aan de dag van mijn vertrek geen verandering in brengen ook. Trainen doe ik wel onderweg. Ik ga gewoon lekker op mijn gemak beginnen met een kilometer of 60 per dag. 70 misschien. Dat is niet iets waar ik me nu al zorgen over hoef te maken.
Ik heb tijdens mijn reis alle tijd om aan mijn conditie te werken, want als er iets is waar ik geen tekort aan heb, dan is het wel aan tijd.
Tijd heb ik genoeg.

Nee, als ik het heb over in actie komen, dan bedoel ik dingen regelen en dingen doen. Van die dingen die er nou eenmaal bij horen.

Voorpret

Voor veel mensen is dit gedeelte van de voorbereiding misschien wel leuker dan de reis zelf.
Weken of zelfs maanden voordat ze op vakantie gaan, gaan ze met het grootste plezier in de weer. Vol overgave duiken ze de wondere wereld van het reiswezen in. Alles vinden ze prachtig en bij de gedachte dat ze een slaapzak of een reiswekker mogen gaan kopen verkneukelen ze zich al.

Uren kunnen ze doorbrengen met het speuren naar vliegtickets op internet en wekenlang worden de diverse reisgidsen doorgespit, om te voorkomen dat er een hoogtepunt over het hoofd wordt gezien. Iedere gedachte aan wat gaat komen brengt een dromerige grijns op hun gezicht. Ze denken nergens anders meer aan en hebben het nergens anders meer over.

Voorpret noemen ze dat.

Ik noem dat niet zo.

Ik doe niet aan voorpret. Ik ken geen voorpret. Voorpret is aan mij niet besteed. Ik word al moe bij de gedachte. Ik heb een broertje dood aan dingen regelen. Ik wil iets bedenken en daarna gewoon weg kunnen.

Regelgedoe

Maar, of ik het nou voorpret noem of niet, eraan ontkomen doe ook ik niet.
Ook ik moest van mijn luie kont komen om kaarten en reisboeken te kopen bij de reisboekhandel. Ook ik moest routes opschrijven en uitrekenen hoelang ik erover ga doen. Ook ik moest pasfoto’s en een paspoort laten maken en ook ik moest uitzoeken hoe ik met het openbaar vervoer op de Noordkaap kan komen, voor welke landen ik een visum nodig heb en welke landen ik überhaupt niet binnen kan komen.

Ik moest mijn spullen doorspitten. Nagaan welke kleding zo versleten is dat ik echt nieuwe moet hebben. Kijken of mijn tent en mijn zaklamp het nog doen. Ruiken of mijn slaapzak nog schoon genoeg is. Mijn fiets bij de fietsenmaker parkeren voor een grote beurt. Reserveonderdelen kopen. Nieuwe fietstassen. Nieuwe bidons. Gereedschap. Bandenplakkers. Een goed kettingslot. Een paar keer naar de GGD om me te laten inenten tegen onvoorstelbare aandoeningen als buiktyfus, meningokokken en hepatitis.

Meer regelgedoe

Een penicillinekuur bij de apotheek halen. En malariapillen. Naar de drogist voor shampoo, pleisters, rekverband, diarreeremmers, fotorolletjes, zonnebrand en steriele gaasjes. Ik moest ook nog goede schoenen hebben. En een nieuwe tent, een nieuw kookstel, een klamboe. Nog even naar Perry Sport voor wat kleine kampeerspulletjes en naar de Bever voor slippers.

Verzekeringen nagaan. Donaties aan goede doelen en andere lidmaatschappen opzeggen. Naar de bank om een betaalpakket af te sluiten waarmee ik ook buiten Europa gratis kan pinnen en om zus Inge te machtigen, zodat ze mijn financiën op afstand kan regelen. Eindeloos heen en weer mailen om alle idiote documenten te kunnen bemachtigen die ik nodig heb voor een Wit-Russisch visum.

Een treinkaartje naar Kopenhagen kopen op het station. Het treinkaartje omboeken omdat ik noodgedwongen een paar weken later moet vertrekken. Een tondeuse over mijn hoofd halen, zodat ik weer enigszins op die gast in mijn paspoort zou lijken. Dat paspoort bij een visumbureau brengen en het een dag voor vertrek weer ophalen bij de ANWB in Hilversum, zonder visum voor Wit-Rusland.

Beslissen welk leesboek ik zal meenemen.
En nog even naar de Hubo. Voor een rol ducttape. En een bolletje touw.

Ervaring en het internet

Al dat gedoe vind ik vreselijk en ik kon me er dan ook nauwelijks toe zetten. Maar het moest allemaal gebeuren en gedwee ben ik het ondergaan.
En dan viel het deze keer trouwens nog best mee. In ieder geval ten opzichte van alle vorige keren ging het van een relatief leien dakje.

De eerste keren dat ik op reis ging, had ik of de helft van wat ik nodig had niet bij me, of was ik vlak voor vertrek half huilend de wanhoop nabij. Of beide.

Dat was deze keer anders. Waarschijnlijk voor een groot deel door ervaring, want ik weet precies wat er nodig is en wat ik nodig heb voor een reis én ik weet dat aan het eind van de tunnel licht is en dat ook aan die ellendige voorbereidingen een eind komt.
De dag dat ik echt weg mag komt echt ooit een keer in zicht.

Maar er is nog iets dat de voorbereiding deze keer een stuk makkelijker heeft gemaakt.

Mocht er een God bestaan, dan wil ik hem bij deze op mijn blote knieën danken dat hij ons het internet heeft geschonken en dat het tegenwoordig mogelijk is om best veel gewoon vanuit huis te kopen en te regelen.

Dat geldt natuurlijk nog lang niet voor alles en dat maakt het nog steeds niet leuk om te doen, maar de pijn is er in ieder geval een stuk draaglijker door geworden.

Volgende:: Fase 4 – Het inpakken
Vorige: Fase 2 – Het geld
Of begin hier gewoon bij het begin van mijn boek ‘Figurant in de Hoofdrol’


0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.